| Omar:
"Dus, als ze zich niet zelf kunnen beschermen, wie doet dat dan voor hen?"
De mier: "De bladsnijdende werkmieren
worden altijd vergezeld door kleinere werkmieren. Deze werkmieren klimmen
boven op de bladeren die de attas dragen en staan zo op de uitkijk. In
geval van een aanval door een vijand verdedigen ze hun vrienden, ondanks
hun kleine maat."
Omar:
"Dat is nog een bijzonder voorbeeld van zelf opoffering! Maar ik wil nog
iets weten. Waar gebruiken de attas deze bladeren voor? Waarom dragen
attas deze bladeren de hele dag door?"
De mier: "Ze gebruiken ze voor hun
landbewerking. Attas gebruiken deze bladeren om schimmels op te laten
groeien. Mieren kunnen zelf geen bladeren eten. Dus maken de werkmieren
een heleboel van deze stukjes bladeren, nadat ze erop gekauwd hebben en
dan stoppen ze ze in één van de ondergrondse kamers in hun nest. In deze
kamers kweken ze schimmels op de bladeren en verkrijgen ze hun voedsel
van de spruiten van de groeiende schimmels.
Je zult je nu wel afvragen hoe kleine mieren zulke wonderlijke zaken
kunnen uitvoeren niet waar?"
Omar: "Ja, ik probeer echt te begrijpen
hoe mieren dat allemaal voor elkaar krijgen. Bijvoorbeeld, als je mij
vraagt om schimmels te kweken, dat zou helemaal niet makkelijk voor mij
zijn om te doen. Ik zou tenminste een aantal boeken moeten lezen of andere
mensen moeten vragen die zouden weten hoe dat moest. Maar ik weet dat
attas helemaal geen les krijgen.
Nu kan ik beter begrijpen wat jou en je mierenvriendjes zo getalenteerd
maakt. Jullie zijn geprogrammeerd om je werk te doen. Bijvoorbeeld, attas
worden geboren, terwijl ze al alles weten over landbouw. God, de schepper
van alle levende wezens, heeft de attas deze kennis vast en zeker gegeven.
Het is God die jullie en al je vriendjes heeft geschapen met al deze buitengewone
kenmerken."
De mier: "Je hebt gelijk, Omar. Wij
weten al deze dingen al bij de geboorte. Onze schepper, God heeft ze als
een zegening aan ons gegeven."
Omar was al weer laat. Hij bedankte de mier en ging naar school. Terwijl
hij liep, klonken de woorden van zijn vriendinnetje de mier hem nog na
in zijn oren. Ondertussen bleef hij maar denken.
 |
1- Mieren knippen de bladeren die
zij naar het nest brengen in kleine stukjes.
2- Ze kauwen de kleine stukjes tot pulp.
3- Ze verdelen deze pulp over een basis van gedroogde
bladeren in nieuwe kamers.
4- Ze zetten stukjes schimmel, die ze uit andere
kamers halen, op deze pulp.
5- Een groepje mieren maakt de tuin schoon en haalt
alle onnodige deeltjes weg. |
 |
 |
| Attas dragen de bladeren die
ze geknipt hebben. |
Het knappe werk van de mieren laat een grote wijsheid zien. Maar deze
wijsheid kon niet van de mieren zelf komen. Zij waren uiteindelijk slechts
kleine wezentjes. Al deze
vaardigheden moesten de mensen toch de wijsheid van God laten inzien.
Om de grootsheid van Hem en Zijn kunst van Schepping te laten zien, laat
God, De Schepper van de mieren, deze kleine wezentjes taken uitvoeren
die zij nooit zouden kunnen doen vanuit hun eigen wijsheid en keuze.
Zijn vriendinnetje heeft deze aangeboren wijsheid, vaardigheid en opofferende
natuur te danken aan de inspiratie van God. Alles wat zij deed was een
bewijs, niet van haar, maar van God's Macht en Wijsheid.
Terwijl
hij daarover nadacht, besefte hij ineens dat bepaalde dingen die hij zich
eerder anders had voorgesteld, er in het echt heel anders uitzagen. Hij
begreep opnieuw dat de verhalen die verteld worden over levende wezens,
hoe ze per ongeluk ontstaan waren en hoe ze hun vaardigheden per ongeluk
in de loop van de tijd hadden aangeleerd, leugens waren. Hoe kon dat waar
zijn? Denk eens na, hoe zouden mieren zo perfect met elkaar kunnen "praten"
als ze per ongeluk ontstaan waren? Hoe zouden ze goed contact met elkaar
kunnen maken zonder wanorde en perfecte nesten bouwen? Trouwens, zelfs
als alle mieren per ongeluk waren ontstaan en als ze alleen maar zouden
leven om zichzelf te verdedigen, hoe kwam het dan dat ze zich opofferden
voor elkaar?
Terwijl hij op school was, dacht hij na over al deze dingen. Toen hij
's avonds thuis kwam, besloot hij om de Koran te gaan lezen, die God had
gezonden voor alle mensen. Het eerste vers dat hij las was:
Voorwaar, in de schepping van de hemelen en de aarde
en in het afwisselen van de nacht en de dag zijn zeker Tekenen voor bezitters
van begrip. Degenen die Allah gedenken terwijl zij staan en zitten en
op hun zij liggen en nadenken over de schepping van de hemelen en de aarde
(zeggend:) "Onze Heer, U heeft dit (alles) niet voor niets geschapen,
glorie zij U, bescherm ons dus tegen de bestraffing van de Hel. (Surah
Al Imran: 190-191)
Hij
was totaal overtuigd dat niemand anders dan God alleen de mieren, hemzelf,
zijn moeder en vader, zijn broer en alles in het universum heeft geschapen.
Zijn kleine vriendinnetje had hem herinnerd aan het belangrijkste in
deze wereld: dat er geen enkele andere Schepper was dan God.
Ik geloof dat, wanneer jullie deze zinnen lezen, jullie allemaal de waarheid
zullen zien zoals Omar, en dat jullie weten dat God alles heeft geschapen.
Dus wanneer jullie, net als Omar, een keer de kans krijgen om ook zo
een vriendinnetje te ontmoeten, vergeet dan nooit dat jullie veel van
haar kunnen leren. Onderzoek en denk na over de perfecte kunst van God,
die haar heeft gemaakt.


|