Waarom is Frankrijk zo bezorgd als het
godsdienst betreft ?
Frankrijk en sommige andere
landen waren betrokken bij geschillen toen twee studenten
van school gestuurd werden voor het dragen van een hoofddoek.
Frankrijk verspreidde dit verbod en stelde een wet voor
waarbij het dragen van godsdienstige kledij en symbolen
verboden werd. Buiten hoofddoeken, werden hiermee ook de
christelijke kruisen en Joodse yarmulkes verboden. Deze
wet lokte een golf van reactie uit. Moslimlanden, het Verenigd
Koninkrijk, de Verenigde Staten en Duitsland veroordeelden
de wet en benadrukten dat de bekrachtiging van deze wet
zou leiden tot spanningen en verschansing in Frankrijk.
Ze verklaarden ook dat de wet in strijd is met de godsdienstvrijheid
en de fundamentele mensenrechten. Maar tot zover hebben
deze reacties de Franse regering nog niet doen afzien van
hun beslissing.
We mogen wat er in Frankrijk
gebeurd is, niet enkel interpreteren als een verbod op religieuze
symbolen. De Franse godsdienstvrees en religieuze moraliteit
gaat al heel ver terug. Diegene die op de hoogte zijn van
de sociaal-culturele ontwikkeling en de kerk-staat relaties
in Frankrijk zal weten dat dergelijke initiatieven en de
daaruit komende geschillen in de Franse maatschappij erg
gekend zijn. Daarenboven is deze angst niet alleen beperkt
tot de islam en het jodendom, de gedachtenis aan de moord
van de katholieken tijdens the Franse revolutie is nog niet
vergeten.
De huidige vorm van de kerk - staat relatie
in Frankrijk is ontstaan door conflicten, haat, boosheid
en bloedbaden. De strijd begon in de achttiende eeuw tegen
de katholieke kerk met het doel om de invloed van de kerk
op de maatschappij te verkleinen. We kunnen stellen dat
gedurende deze periode, de maatschappij afstand begon te
nemen van religieuze waarden en onder invloed kwam van materialistische
filosofie.
De Eeuw van Verlichting :
Hoe Europese maatschappijen
afstand namen van religieuze waarden
De periode waarin materialistische en evolutionistische
ideeën overal werden geaccepteerd in de Europese maatschappij
en zo tot het afstand nemen van religie leidde, staat bekend
als "De Verlichting". Natuurlijk diegene die dit
woord kozen (diegene die de verandering van ideeën
positief voorstelden als een stap naar het licht) waren
de leiders van deze afdwaling. Ze beschreven de vroegere
periode als de "Donkere Eeuw" en gaven religie
de schuld. Ze beweerden dat Europa werd verlicht toen het
werd geseculariseerd en godsdienst op afstand werd gehouden.
Deze bevooroordeelde en valse vooruitzichten zijn vandaag
de dag nog één van de fundamentele propaganda-mechanismen
van diegene die zich tegen religie verzetten.
Het is waar dat het Middeleeuwse Christendom
gedeeltelijk "donker" was door bijgeloof en kwezelarij
en het merendeel van deze praktijken werden in de na-Middeleeuwse
periode gezuiverd. In feite bracht de Verlichting niet veel
positiefs naar het Westen. Het belangrijkste resultaat van
de Verlichting, hetgeen in Frankrijk gebeurde, was de Franse
Revolutie, die het land in een bloedbad veranderde.
Voor de meeste Franse intellectuelen betekende
de Verlichting het zuiveren van elke religieuze en spirituele
waarde in de geest van de mens. Bijna alle denkers die in
het achttiende-eeuwse Frankrijk leefden, deelden deze mening.
De Franse Revolutie was gebaseerd op dit idee van Verlichting,
dat in Frankrijk heerste. Het was één van
de moderne, 's werelds meest barbaarse, genadeloze en woeste
revoluties. Van zodra de Jacobijnen aan de macht kwamen
na de revolutie, was het eerste wat ze deden, het invoeren
van de guillotine. Duizenden mensen verloren hun hoofd,
enkel en alleen omdat ze beschuldigd werden van rijk en
religieus te zijn. Eén van de leiders van de revolutie
was Fourché (zijn bijnaam was de slager van Lyon).
Hij stuurde een comité, aangevoerd door 3 individuen,
naar Lyon om daar de gestrande en religieuse aristocratie
te vernietigen. Fourché stuurde een brief naar Robespierre,
leider van de Senaat, waarin hij schreef dat de guillotine
te traag werkte en dat hij niet tevreden was met de trage
vooruitgang van de revolutie. Hij wou de toestemming om
een massa-opruiming te doen. Op de dag dat hij de toestemming
kreeg, werden duizenden mensen, met hun handen op de rug
gebonden, genadeloos afgeslacht door de revolutiegeweren.
De literatuur die vandaag de dag door de
Verlichting beïnvloed is, prijst de Franse Revolutie.
Niettemin kostte de Revolutie Frankrijk veel en droeg ze
bij tot sociale conflicten die nog tot in de 20ste eeuw
duren. De analyse van de Franse Revolutie en de Verlichting
door de bekende Britse denker, Edmund Burke, vertelt veel.
In zijn bekende boek "Blaam op de Revolutie" in
Frankrijk, uitgegeven in 1790, bekritiseerd hij beide ideeën
van de Verlichting en haar vruchten, de Franse Revolutie.
Naar zijn mening vernietigde deze beweging de basiswaarden
die de maatschappij samenhield, zoals godsdienst, moraal
en familiestructuur en baande het de weg voor terreur en
anarchie. Uiteindelijk bekeek hij de Verlichting, zoals
een tolk het neerzet, als een" vernietigende beweging
van het menselijk verstand" (1)
De leiders van deze vernietigende
beweging waren de vrijmetselaars. Voltaire, Diderot, Montesquieu,
en andere anti - religieuze denkers die de weg naar de revolutie
voorbereidden waren allen vrijmetselaars. De vrijmetselaars
waren vertrouwd met de Jacobijnen, de leiders van de Revolutie.
Dit leidde tot de mening van sommige historici dat het moeilijk
is de Jacobijnen en de Vrijmetselaars in Frankrijk in deze
periode van elkaar te onderscheiden.
Tijdens de Franse Revolutie,
was er veel vijandschap aan de dag gelegd ten opzichte van
godsdienst. Vele predikanten werden naar de guillotine gestuurd,
kerken werden vernield en daarenboven waren er die het Christendom
volledig wilden uitroeien en het wilden vervangen door een
afwijkende, heidense, symbolische religie, genaamd de "Godsdienst
van Reden"
De leiders van de revolutie werden ook slachtoffers van
deze waanzin. Ieder van hen verloor uiteindelijk hun hoofd
aan de guillotine, waarmee zij zelf zoveel mensen hadden
veroordeeld. Zelfs vandaag vragen vele Fransmannen zich
voortdurend af of de revolutie een goede zaak was of niet.
De anti - religieuze gevoelens van de Franse
Revolutie verspreidde zich over Europa met als resultaat
dat de negentiende eeuw de vrijpostigste en meest agressiefste
periode van anti - religieuze propaganda werd.
De Strijd tegen Godsdienst in Frankrijk
De rol die in de revolutie
door de Vrijmetselaars gespeeld werd, werd toegelaten door
een "agent-provocateur", bekend als graaf Cagliostro.
Cagliostro werd gearresteerd door de Inquisitie in 1789
en terwijl hij ondervraagd werd, deed hij enkele belangrijke
toegevingen. Hij begon mee te delen dat de Vrijmetselaars
over heel Europa een keten van revoluties gepland hadden.
Hij zei dat het hoofddoel van de Vrijmetselaars was om het
Pausdom te vernietigen of om het over te nemen.
De missie van de Vrijmetselaars in Frankrijk
stopte niet bij de revolutie. De chaos, die het resultaat
van de revolutie was, kwam uiteindelijk tot rust toen Napoleon
aan de macht kwam. Maar deze stabiele periode duurde niet
lang. Napoleons ambitie om over heel Europa te regeren,
bracht alleen maar een einde aan zijn macht. Nadien ging
het conflict in Frankrijk tussen de monarchisten en de revolutionisten
gewoon door. In 1830, 1848 en 1871 vonden nog 3 andere revoluties
plaats. In 1848 werd de 2de republiek gesticht en in 1871
kwam de 3de revolutie tot stand. In 1881 hield het katholicisme
op om de officiële religie van Frankrijk te zijn en
in 1988 werd godsdienstles volledig van het leerplan geschrapt.
De Vrijmetselaars waren
erg actief gedurende deze onrustige periode. Hun voornaamste
doel was om de Kerk en haar religieuze instituten te verzwakken,
de religieuze waarden en de invloed van haar wetten op de
maatschappij te vernietigen en om godsdienstlessen af te
schaffen.
De Vrijmetselaars beschouwden het "anti-klerikalisme"
als het centrum van hun sociale en politieke activiteiten.
De katholieke Encyclopedie bevat belangrijke
informatie over de anti-religieuze missie van le Grand-Orient,
zoals de Vrijmetselaars gekend zijn :
Uit de officiële documenten van de Franse
Vrijmetselarij, hoofdzakelijk opgenomen in de officiële
"Bulletin" en "Compte-rendu" van le
Grand Orient, werd bewezen dat alle anti-klerikale maatregelen
die in het Franse Parlement werden besproken, reeds op voorhand
in de loges van de Vrijmetselaars waren besloten en uitgevoerd
onder de directie van le Grand Orient, wiens bekende doel
was alles en iedereen te controleren. "Ik zei op de
vergadering van 1898", verklaarde de afgevaardigde
Massé, de officiële spreker van de vergadering
van 1903, "dit is de hoogste plicht van de Vrijmetselaars
om zich elke dag meer en meer te mengen in politieke en
wereldse strijd." "Succes (in de anti-klerikale
strijd) is in grote mate dankzij de Vrijmetselarij ; door
hun geest, hun programma, hun methodes die hebben getriomfeerd."
"Dat het Blok opgericht werd, is dankzij de Vrijmetselaars
en de discipline geleerd in de loges." "We hebben
waakzaamheid en bovenal onderling vertrouwen nodig, als
we ons werk willen vervullen, nog steeds niet beëindigd.
Dit werk, weten jullie
de anti-klerikale strijd,
is aan de gang. De republiek moet zichzelf bevrijden van
religieuze congregaties, hen wegmaaien met een stevige slag.
Het systeem van halve maatregelen is overal gevaarlijk,
de tegenstander moet met één enkele klap vernietigd
worden." (2)
De Katholieke Encyclopedie
vervolgt het verslag van de Franse Vrijmetselaars en hun
strijd tegen religie.
Inderdaad alle "anti-klerikale"
hervormingen door de Vrijmetselaars uitgevoerd in Frankrijk
sinds 1877, zoals de secularisering van opleiding, maatregelen
tegen private christelijke scholen en liefdadigheidsinstellingen,
de onderdrukking van religieuze ordes en de plunderingen
van de Kerk, bereikte zijn hoogtepunt in een anti-christelijke
en onreligieuze reorganisatie van de menselijke maatschappij,
niet alleen in Frankrijk maar over heel de wereld. Aldus
de Franse Vrijmetselarij, als de standaardbode van alle
Vrijmetselaars, beweerde de gouden eeuw van de Vrijmetselaarse
universele republiek in te huldigen. Dit omvat in Vrijmetselaars
broederschap alle mensen en alle naties. " De triomf
van de Galileer", zei de president van le Grand Orient,
senator Delpech, op 20 september 1902, "heeft 20 eeuwen
geduurd. Maar nu sterft hij op zijn beurt
. De Roomse
Kerk, gebaseerd op de galileeïsche mythe, begon snel
achteruit te gaan vanaf de dag op de welke de Vrijmetselaarse
Vereniging was opgericht." (3)
Met de "Galileër"
bedoelde de Vrijmetselarij Jezus, omdat volgens het evangelie,
Jezus in de Palestijnse stad Galilea werd geboren. Daarom
is de haat van de Vrijmetselaars voor de Kerk, een uitdrukking
van hun haat ten opzichte van Jezus en alle monotheïstische
religies. Met de materialistische, Darwinistische en humanistische
cultuur die ze in de 19de eeuw gesticht hadden, geloofden
ze dat ze de godsdienst vernietigd hadden en Europa terug
naar het voor-christelijke heidendom gebracht hadden.
Toen deze woorden in 1902
geuit werden, verspreidde een reeks wetten in Frankrijk
de strekking van religieuze oppositie. 3000 religieuze scholen
werden gesloten en het was verboden om enige godsdienstlessen
in scholen te geven. Vele geestelijken werden gearresteerd,
sommige werden verbannen en godsdienstige mensen werden
als tweede-rangs burgers aanzien. Dit was de reden waarom
het Vaticaan in 1904 brak met alle diplomatische relaties
met Frankrijk. Maar dit wijzigde niets aan de houding van
het land. Er moesten eerst honderdduizenden Fransen sneuvelen
tijdens de Eerste Wereldoorlog tegen het Duitse leger, vooraleer
de arrogantie van het land temperde en het opnieuw de belangrijkheid
van spirituele waarden erkende.
Zoals de Katholieke Encyclopedie volhoudt,
de godsdienstoorlog van de Franse revolutie tot de 20ste
eeuw, werd uitgevoerd door de "anti-klerikale maatregelen
die het Franse Parlement passeerden", dewelke "op
voorhand al beslist waren in de Vrijmetselaar loges en uitgevoerd
onder de leiding van le Grand Orient." Dit is duidelijk
gebleken uit de Vrijmetselaar geschriften. (4)
Bijvoorbeeld, een citaat van een Turkse publicatie van
"Een speech gedaan door Broeder Gambetta op 8 juli
1875 in de Clémente Amitié loge" leest
:
Terwijl de geest van reactie Frankrijk bedreigde,
en religieuze dogma en achterlijke ideeën doorgingen
met het offensief tegen moderne sociale principes en wetten
in de schoot van ijverige, vooruitziende organisaties zoals
de Vrijmetselarij toegewijd aan broederschap, vonden we
de kracht en de troost in de strijd tegen de overdreven
eisen van de Kerk, haar belachelijke overdrijvingen en gewoonlijke
overdaden
we moeten op onze hoede zijn en voort strijden.
Om de ideeën van de menselijke klasse en vooruitgang
te vervullen, laat ons volhouden zodat onze schilden niet
doorbroken kunnen worden. (5)
Het zal opgemerkt worden
dat de Vrijmetselaarse literatuur consequent haar eigen
ideeën als "vooruitziend" naar voren brengt,
terwijl ze religieuze mensen als "achterlijk"
bestempelen. Niettemin is dit louter een woordspeling. Het
begrip "de geest van reactie", vermeld in de bovenstaande
paragraaf, is iets waar ook oprechte religieuze mensen zich
tegen verzetten, maar welke de Vrijmetselaars uitbuitten
om te mikken op ware religie in hun poging om de mensen
ervan te vervreemden. Temeer, moet het opnieuw benadrukt
worden dat de materialistische-humanistische filosofie die
de Vrijmetselarij aanhangt, echt een bijgelovig, achterlijk
systeem van ideeën, een overblijfsel van de heidense
beschavingen van het oude Egypte en van het oude Griekenland,
is.
Daarom heeft het gebruik
van termen, zoals "vooruitziendheid" en "achterlijkheid",
door de Vrijmetselaars, geen basis in werkelijkheid. Inderdaad
is het ongegrond, omdat het conflict tussen de Vrijmetselaars
en religieuze mensen niets anders is dan de vereeuwiging
van het conflict tussen 2 ideeën die sinds de vroegste
tijden van de geschiedenis bestaan. Het is religie die de
eerste ideeën verkondigde : dat het mensdom door de
wil van God gecreëerd was en dat de mensen verantwoordelijk
zijn voor de aanbidding tot Hem. Dit is de waarheid. Het
tegenovergestelde idee dat mensen niet gecreëerd waren,
maar nutteloos en doelloos leven , is hetgeen voorgesteld
werd door diegene die het bestaan van God ontkennen. Wanneer
juist begrepen, kan het bekeken worden dat hun gebruik van
oppervlakkige termen als "achterlijkheid" en "vooruitziendheid"
geen basis heeft.
Door het gebruik van de
ideeën van "vooruitgang", wilden de Vrijmetselaars
zo de godsdienst vernietigen. De Katholieke Encyclopedie
zegt:
De volgende zijn geacht
de belangrijkste voornemens te zijn van de Vrijmetselaars
:
(1)Om radicaal door openlijke
vervolgingen van de Kerk, of door een hypocriete, frauduleus
systeem van scheiding tussen Kerk en Staat, alle sociale
invloed van de Kerk en van religie, verraderlijk "klerikalisme"
genoemd en zo ver mogelijk, om de Kerk te vernietigen en
alle waarheden, dit wil zeggen bovenmenselijke religie,
dewelke meer dan een vage aanbidding van vaderland en mensdom
is.
(2)Om te seculariseren, door een evenzo hypocriet,
frauduleus systeem van "neutralisme", alle openbare
en privé-leven en bovenal populaire instructies en
opleiding. "Neutralisme" zoals begrepen door le
Grand Orient is anti-katholiek en zelfs anti-christelijk,
atheïstisch, positivistisch of agnostisch sectarisme
in het kleed van neutralisme. Vrijdom van denken en bewustzijn
van de kinderen moet systematisch in een kind ontwikkeld
worden op school, en beschermd, zo ver mogelijk, tegen alle
storende invloeden, niet alleen van de Kerk en priesters,
maar ook van de ouders van de kinderen, indien noodzakelijk,
zelfs door morele en fysische dwang. Le Grand Orient partij
beschouwde het onmisbaar en een onfeilbare zekere weg tot
het oprichten van de universele sociale republiek. (6)
Het blijkt dat de Vrijmetselarij
een programma in werking heeft gesteld, onder de naam van
de "bevrijding van de maatschappij", wiens doel
is godsdienst uit te wissen, een programma dat nog steeds
uitgevoerd wordt. Dit mag niet verward worden met een model
dat probeert de kans te voorzien voor elke burger van éénder
welke godsdienst, om zijn geloof vrij te praktiseren. Eerder,
het model dat door de Vrijmetselarij voor ogen gezien wordt,
is één van de massa hersenspoelingen met het
opzet om godsdienst volledig uit de maatschappij te verwijderen
en de geesten van individuen en indien nodig zijn aanhangers
te vervolgen.
RELIGIEUZE MORAAL IS DE
OPLOSSING VOOR ALLE MOEILIJKHEDEN
HET BASISPROBLEEM IS DE AFWEZIGHEID VAN GODSDIENST
Frankrijks beleid om religie
uit te roeien begon in de 18de eeuw en heeft nog 3 eeuwen
geduurd. Het resultaat is dat het land veranderd is in een
natie dat bang is van religie, religieuze moraal en religieuze
mensen. In de voorbije laatste jaren, en als resultaat van
dit proces, moslims en verschillende andere leden van religieuze
organisaties zijn aangevallen geweest. Nochtans is deze
angst ongegrond. Eigenlijk is het niet religie, maar de
afwezigheid van religie dat zou moeten worden gevreesd.
Religieuze moraal brengt vrede, welzijn, rechtvaardigheid
en verdraagzaamheid in een maatschappij. In een maatschappij
waar het besef van religieuze moraal sterk is, kan geen
geweld, ontaarding of angst mogelijk zijn. Daarom is Frankrijks
angst niet nodig. In maatschappijen waar oorlog, conflicten,
geweld en onrechtvaardigheid heerst, is er geen religieuze
moraal.
In een maatschappij ver
van religie verwijderd, is het onvermijdbaar dat mensen
egoïstisch, onrechtvaardig zijn en ontbreken aan morele
goedheid. Alleen de waarden van religie garanderen morele
perfectie voor maatschappijen en individuen. Diegene die
vertrouwen hebben in God gedragen zichzelf verantwoordelijk,
aangezien zij alleen leven om de toestemming van God te
verkrijgen en wetende dat zij verantwoording van al hun
daden moeten voorleggen. Door God te vrezen, vermijden ze
voorzichtig slechte daden, gedragingen en houding, die niet
door God geprezen worden. Een maatschappij beheerst door
zulke mensen wordt er één die geen sociale
problemen ervaart.
Niettemin, een niet-gelovige
die faalt te erkennen dat hij uiteindelijk voor zijn daden
beloond of gestraft zal worden, zal geen paal en perk aan
zijn slechte daden stellen. Ondanks het vermijden van sommige
sociaal ongunstige vormen van gedrag, twijfelen vele mensen
er niet aan andere slechte dingen te doen als ze ertoe worden
aangespoord, ontmoedigd zijn of de kans ertoe krijgen.
In maatschappijen waar er
geen godsdienst is, zijn mensen voorbestemd om allerlei
immorele daden te begaan. Bv. Een religieus persoon zou
nooit omkoopgeld aannemen, gokken, jaloers zijn of liegen,
omdat hij zou weten hij achteraf in het hiernamaals voor
deze daden verantwoording moet afleggen. Toch, iemand zonder
religie is vatbaar om al deze dingen te doen. Het is niet
genoeg voor iemand om te zeggen "ik ben net religieus,
maar neem geen omkoopgeld aan", of "ik ben niet
religieus maar ik gok niet", want een mand die God
niet vreest en die niet gelooft dat hij zichzelf zal moeten
verantwoorden in het hiernamaals kan éénder
welk van deze dingen doen als de situatie of toestand wijzigt.
Een persoon die zegt : "ik ben niet religieus, maar
ik bega geen ontucht" kan dit doen op een plaats waar
ontucht als normaal beschouwd wordt. Of een persoon die
zegt geen omkoopgeld aan te nemen, kan zeggen "mijn
zoon is ziek en gaat sterven, daarom moet ik dit omkoopgeld
aannemen" als hij God niet vreest.
Hoe dan ook een religieus
persoon, vertoont zo'n immoraliteit niet, omdat hij God
vreest en niet vergeet dat God zowel zijn intenties als
zijn gedachten kent.
Een persoon die afstand
neemt van religie kan zeggen "ik ben niet religieus
maar vergevend. Ik voel noch wraak noch haat." Maar
op een dag kan een onaangename gebeurtenis zijn zelfcontrole
doen verliezen en het meest onverwachte gedrag vertonen.
Hij zou iemand kunnen vermoorden of kwetsen, omdat de moraliteit
die hij volgt één is dat verandert naargelang
de omgeving en toestanden van de plaats waar hij leeft.
Toch diegene die in God
en het hiernamaals gelooft, zal nooit van zijn goede moraal
afwijken, niettegenstaande wat de toestanden of omgeving
mogen zijn. Zijn moraal is niet wisselend, maar onveranderbaar.
God verwijst naar de betere moraal van religieuze mensen
in zijn verzen:
(Zij zijn) degenen die het
verbond met Allah nakomen en het verbond niet verbreken.
En degenen die onderhouden wat Allah heeft bevolen te onderhouden.
En zij vrezen hun Heer en zij zijn bang voor de slechte
afrekening. En degenen die geduldig zijn bij het zoeken
naar het welbehagen van hun Heer, en die de shalât
onderhouden en die bijdragen geven van waar Wij hun mee
voorzagen, in het verborgene en openlijk. En die door het
goede het kwade opheffen. Zij zijn degenen voor wij er de
goede eindbestemming is.
(Koran 13: 20-22)
In een omgeving zonder religie
is het eerste concept dat uitgeschakeld moet worden dat
van de familie. Waarden zoals loyaliteit, trouw, aanhankelijkheid,
liefde en respect, dewelke de familie ondersteunen, zijn
totaal opgegeven. Men moet zich herinneren dat de familie
de basis is van de maatschappij en als de familie uiteenbarst,
doet de maatschappij dat ook. Zelfs de staat heeft geen
reden tot bestaan, aangezien alle morele waarden die de
staat ondersteunen, vernietigd zijn.
Temeer in onreligieuze maatschappijen
is er geen reden voor iemand om respect, liefde of medelijden
voor iemand te voelen. Dit leidt tot sociale anarchie. De
rijken benijden de armen. De armen benijden de rijken. Boosheid
ontwikkeld zich tegen diegene die gehandicapt of in nood
zijn. Of agressie tegen verschillende naties steekt de kop
op. De arbeiders worden agressief ten opzichte van hun werkgevers
en vice versa. Vaders keren zich tegen hun zonen en omgekeerd.
De reden voor dit voortdurende
bloedvergieten en het "derde pagina nieuws" in
de kranten is onreligieus. Elke dag zien we op deze pagina's
nieuwsverslagen over mensen die elkaar achteloos vermoorden
voor onbeduidende redenen.
Niettemin een persoon die
weet dat hij verantwoording in het hiernamaals zal moeten
afleggen, kan geen geweer naar iemand anders hoofd richten
en hem neerschieten. Hij weet dat God mensen verboden heeft
zulke criminele feiten te plegen en zijn angst voor God
garandeert dat hij goddelijke vergelding zal vermijden.
In de Koran beveelt God mensen om corruptie te vermijden:
En zaait geen verderf op
aarde na de verbetering ervan (door de aanwezigheid van
de Profeet) en roept Hem aan, (Zijn bestraffing) vrezend
en (Zijn Barmhartigheid) begerend. Voorwaar, Allah's Barmhartigheid
is dicht bij de weldoeners.
(Koran 7:56)
Het bestaan van religieuze
waarden brengt liefde voor God. Deze liefde heeft een overweldigende
positieve en aanmoedigende invloed op alle mensen. Om de
toestemming van God te verdienen, troosten gelovigen zichzelf
op de meest morele manier en houden van en respecteren de
ander. In het algemeen genade, verdraagzaamheid en medelijden
doordringt de maatschappij.
Gaande in angst voor God,
vermijden mensen strikt toe te geven aan immorele en slechte
daden. Op deze manier komt elke soort van slechtheid, dat
eerder niet kon verhinderd worden, tot een abrupt einde.
De geest en warmte van religie vult de atmosfeer.
In maatschappijen waar religie
niet indringt, is het een aanvaard feit dat mensen rebels
en anarchistisch worden en een positie innemen ten opzichte
van hun staat. Niettemin voor diegene die volgens de waarden
van religie leeft, zijn de geboden van de staat overheersend.
Als het vereist is, zal iemand zijn leven in gevaar brengen
voor deze waarden. Voor zo'n persoon, zullen de belangen
van zijn staat boven zijn eigen belangen staan. Ze nemen
het op voor spirituele waarden en doen hun best om ze te
verdedigen.
Onder zulke gunstige omstandigheden
wordt een staat regeren vrij gemakkelijk. Het land wordt
een veilige en voorspoedige plaats.
De bestuurders van het land behandelen hun burgers op een
eerlijke en meedogende manier en zo houden onjuiste praktijken
op. Op hun beurt krijgen zij het respect van de burgers.
Zulke staten leggen hun basis voorzeker op een onbeweegbare
fundering.
In afwezigheid van islamitische
moraal, wordt de vader de vijand van de zoon en vice versa,
broers maken ruzie, werkgevers onderdrukken hun werknemers.
Fabrieken en firma's stoppen met functioneren door de anarchie
en de rijken buiten het werk van de arme uit. In het zakenleven
proberen mensen elkaar te bedriegen. Wanorde, conflicten
en anarchie wordt een manier van leven voor de leden van
de maatschappij. De reden voor dit alles is dat mensen geen
angst voor God hebben. Mensen die geen angst voor God hebben,
voelen zich vrij om onrecht te plegen en twijfelen niet
om hun toevlucht te nemen tot extreme vormen van geweld
en wreedheid, zelfs moord. Temeer zelfs zonder een gevoel
van gewetenswroeging, durven zij openlijk hun gebrek aan
spijt betuigen. In tegenstelling, iemand die ervan overtuigd
is dat hij eeuwig in de Hel gestraft kan worden, zou nooit
zo'n daden stellen. De moraliteit van de Koran maakt alle
zulke weerbarstige daden onmogelijk. Alles is gemakkelijk,
rustig en op de beste manier behandeld. Geen gerechtelijke
dwalingen gebeuren nog en ondertussen hebben politiekantoren
en gerechtshoven nog moeite om nog een zaak te vinden.
De vredevolle en aangename
gemoedstoestand in alle klassen brengt voorspoed aan de
maatschappij als een geheel. Wetenschappelijk onderzoek
floreert, er gaat nauwelijks een dag voorbij zonder een
nieuwe ontdekking of een technologische doorbraak en het
resultaat wordt gebruikt voor het nut van allen. Cultuur
bloeit en leiders promoten het publieke welzijn. Deze voorspoed
dankt zijn bestaan aan de menselijke geest die bevrijd is
van druk. Eens iemands geest in rust, ontwikkelt het een
beter denkvermogen en deze gemoedstoestand vergroot de ruimte
tot nadenken. Het gevolg is duidelijk en onbeperkt gebruik
van het verstand. Het leven volgens goede morele standaards
brengt voorspoed aan de mensen; ze slagen in hun zakelijk
en commercieel leven. Agricultuur en industrie bloeien.
Op alle vlakken van inspanning is er een echte vooruitgang.
De oplossing is evident;
zich keren naar God, de Schepper van alles en om waar geluk
en rust te bereiken door trouw te blijven aan religie, die
God ons aanmoedigt. God heeft ons meegedeeld dat de verlossing
in deze wereld is zich te keren naar religie en heeft verheugende
tijden gegeven dat zijn oprechte dienaars niet bang zullen
zijn, op voorwaarde dat ze Hem gehoorzamen.
En Allah heeft degenen onder
jullie die geloven en goede werken verrichten beloofd, dat
Hij hen zeker op aarde als gevolmachtigden aanstelt, zoals
Hij degenen voor hen als gevolmachtigden aanstelde, en dat
Hij hun godsdienst die Hem voor hen behaagde zeker bevestigt,
en dat Hij voor hen na hun vrees (door) veiligheid vervangt.
Zij aanbidden Mij en zij kennen Mij in niets deelgenoten
toe. Maar wie daarna ongelovig zijn: zij zijn degenen die
zwaar zondig zijn.
(Koran 24:55)
Daarom moet de Franse maatschappij,
voor alle redenen hierboven opgesomd, zoeken naar een oplossing,
niet in de afwezigheid van religie, maar in de praktijk
van religieuze moraal. De oplossing voor de groeiende conflicten,
stijgend geweld en economische ongelijkheid ligt niet in
het verbannen van religie; in tegendeel het tegenovergestelde;
het moet gezocht worden in een poging om religieuze moraal
te verspreiden. Wanneer een natie God vreest, handelt het
naar geweten en vertoont medelijden, genade en verdraagzaamheid.
Er kan geen twijfel zijn dat het gemakkelijk geweld en vernedering
in een maatschappij uitroeit.
1- Pocock, in; Edmund Burke,
Reflections on the Revolution in France , ed. J.
G. A. Pocock, Indianapolis: Hackett Publishing Company,
1987, pp. 33-38.
2- Compterendu Gr. Or., 1903, Nourrisson, "Les Jacobins",
266-271; The Catholic Encyclopedia , "Masonry
(Freemasonry)", New Advent, http://www.newadvent.org/cathen/09771a.htm
3- The Catholic Encyclopedia , "Masonry (Freemasonry),"
New Advent, (http://www.newadvent.org/cathen/09771a.htm)
4- The Catholic Encyclopedia , "Masonry (Freemasonry),"
New Advent, (http://www.newadvent.org/cathen/09771a.htm#VIII)
5- Nur Safa Tekyeliban, "Taassuba Karsi Mucadele"
(Struggle Against Bigotry): From the Speech of Brother Gambetta
made on July 8, 1875 in Clémente Amitié Lodge,"
Dogus Kolu Yilligi: Ankara Dogus Mahfili Çalismalari
(Dogus Branch Yearbook: Ankara Dogus Society Studies) ,
1962, Kardes Press, Ankara, 1963, p. 19
6- The Catholic Encyclopedia , "Masonry (Freemasonry),"
New Advent, (http://www.newadvent.org/cathen/09771a.htm)